![]()
|
Bevrijdingskrant Ugchelen 2005 |
![]()
|
Bekendste monument van Ugchelen
Simpele zwerfkei tot monument gepromoveerd
De Kei in Ugchelen - op de splitsing van Ugchelseweg en Hoenderloseweg - is sinds 1947 de plaats waar het dorp zijn slachtoffers eert die zijn omgekomen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Aaldert Kerssen - medewerker aan deze Bevrijdingskrant - dook in de geschiedenis van de zwerfkei en zette de feiten op een rijtje.
door Aaldert Kerssen (Dorpsarchivaris Ugchelen)
Veel grote stenen, zogenaamde "zwerfkeien", die in de IJstijd vanuit het hoge noorden in de lage landen terecht zijn
gekomen, zijn vaak gebruikt als afbakening van marken, bospercelen en dergelijke of doen herinneren aan een plek of
omgeving waaraan historie is verbonden. Ook in onze omgeving zijn ze te vinden. Midden in ons dorp Ugchelen staat al
meer dan tachtig jaar een grote steen met historische achtergronden. Om antwoord te kunnen geven op vragen "hoe is die
kei daar gekomen en waar komt hij vandaan?", moeten we terug naar lang vervlogen tijden.
In de voorlaatste
IJstijd, 160.000 - 180.000 jaar geleden, kwamen vanaf de gletsjers uit het hoge noorden gigantische ijsmassa's naar het
zuiden, waardoor de bestaande flora en fauna werden weggedrukt door het ijs. Daarbij werd heel veel zand, puin en stenen
meegevoerd. De topografische kaart van Nederland, zoals we die thans kennen, is voornamelijk ontstaan in deze tijd. Door
het enorme natuurgeweld van toen zijn heuvels en dalen ontstaan en hebben vorm gegeven aan onder meer de Veluwe. Aan de
zuidoostkant van de Veluwe zijn door zogenaamde "puinwaaiers" dikke zand- , leem- en grindlagen ontstaan. De winning
hiervan, door afgravingen ook in onze omgeving, zijn hiervan een bewijs.
De naam "Keienbergweg" is dus alleszins
verklaarbaar. De veel zwaardere keien zakten weg in de bodem, werden bedolven door dek/stuifzanden en voor duizenden
jaren aan het oog onttrokken. Bij ontginningen en afgravingen zijn sommige ontdekt zoals in "Berg en Bos", waarbij voor
het graven van de bosvijver in de jaren dertig van de vorige eeuw een reusachtige kei werd blootgelegd die bekend is
geworden als "De stenen man".

Ugchelense Kei in 1947.
Oranje bond
Onze Ugchelense kei is ook bij ontginning naar boven gekomen, zo blijkt uit
een jaarverslag uit 1903 van de Oranje Bond van Orde. Daarin wordt opgemerkt dat bij ontginning van heidevelden in de
omgeving van de Hoog Buurloseweg een naar schatting 2.000 kg zware kei is ontdekt die door ossen naar een "vrije plek"
naar de weg is gesleept. Ook veel kleinere veldkeien zijn toen gevonden die onder meer gebruikt zijn voor het metselen
van stenen banken en gedenkzuilen die nog aanwezig zijn in het Van der Hucht en Willemsbos ter ere aan de ontginners van
de heidevelden.
Hoe de kei naar het hartje van Ugchelen is gekomen is een verhaal apart. Na een tip kwam ik op de
Soos 55+ in Ugchelen in gesprek met de dames Tonie en Berta Klopman- Bijsterbosch, die zich herinnerden dat hun zwager
Gerrit Jan Klopman meermalen op smeuïge wijze verteld heeft dat hij omstreeks de jaren 1920 toeschouwer en helper is
geweest bij het verslepen van de kei. Jan - dat was zijn roepnaam - werkte in ploegendienst bij Papierfabriek van Gelder
en Zn.
Ook toen was een extra centje zeer welkom en in de vrije uren ging hij voor 15 cent per stuk dennen planten op
de ontgonnen heidevelden, waaruit de latere bossen rondom Ugchelen zijn ontstaan. Op zekere dag verscheen Hendrik Jansen
van de Prinsenberg met twee grote Belgische paarden, zogenoemde "Belzen", en zware kettingen op de "aanplant" om de
zware kei te verslepen naar hartje Ugchelen. Jansen was daarvoor de aangewezen man, het was zijn beroep om dagelijks
zware machines te vervoeren voor de machinefabriek van Landaal uit Apeldoorn naar klanten in de wijde omgeving. Een
werktuig om de zware kei op een wagen te hijsen was ter plekke niet voorhanden. Slepen was dus de enige mogelijkheid.
Die dag zijn weinig dennen gepoot, De poters hebben geholpen om de kei in de kettingen te krijgen. Door middel van
hevelen met stammetjes kon de kei in de goede richting worden gemanoeuvreerd. Dit niet alledaagse spektakel vergde nogal
wat tijd, waardoor Jan geen tijd meer had om thuis te eten, de ploegendienst wachtte immers. Zijn moeder heeft gezorgd
dat zijn "schafje" op het werk kwam. Tonie en Berta konden niet bevestigen of Herman Boot de opdrachtgever is
geweest voor het transport.....
Herman Boot
Boot had een kruidenierszaak op de hoek van de Hoenderloseweg en
Ugchelseweg en was begin twintiger jaren in het bezit gekomen van de kei en plaatste die in de voortuin voor de
kruidenierszaak, mogelijk dat hij hiermee aandacht vroeg voor z'n bedrijf. Van Herman Boot is verder bekend dat
hij van 1922 tot 1931 bestuurslid is geweest van de Vereniging "Ugchelens Belang". Of deze relatie aanleiding is geweest
om de Ugchelense kei in 1937 aan U.B. te schenken, staat in de notulen niet vermeld, evenmin of het toen zittende
bestuur dit zwaargewicht met open armen heeft ontvangen of dat hij zwaar op de maag lag. Hoe het ook is geweest, de kei
bleef hieronder ongeroerd en jaren staan en werd een begrip in Ugchelen.
De status van de steen veranderde toen op 28
maart 1947 een steenhouwer uit Apeldoorn een koperen plaat bevestigde aan de kei, dit in opdracht van het bestuur van
U.B. Vanaf dat moment wordt de steen min of meer officieel De Kei. Op de gedenkplaat staan vermeld de namen van inwoners
uit Ugchelen die in de Tweede Wereldoorlog zijn gevallen in hun strijd tegen de Duitse bezetting. Van enige officiële
inwijding is indertijd geen sprake geweest.

Kranslegging in 2004 door leerlingen van basisschool
"De Steenbeek".
Herdenking
Sinds april 1985 neemt de Ugchelse Kei als monument een belangrijke plaats in bij
het jaarlijks herdenken van de gevallenen en de bevrijding van Apeldoorn en Ugchelen. De basisschool "De Steenbeek"
heeft het monument geadopteerd en elk jaar wordt op 17 april met leerlingen van de groepen 7 en 8 een herdenking
gehouden en bloemen gelegd. Bij het nationaal herdenken van de bevrijding van Nederland vinden bij De Kei allerlei
activiteiten plaats, zoals dodenherdenking, het ontsteken van de bevrijdingsvlam en het gezamenlijk herdenken met en
vooral van de Canadese oorlogsveteranen, die tijdens de bevrijding van ons land grote offers hebben gebracht. Met de
renovatie van de Ugchelseweg in 1997 is uit oogpunt van verkeersveiligheid De Kei verplaatst en is rondom een
kleinschalig parkje aangelegd, een monument waardig. Op 15 november 1997 heeft het bestuur van U.B. en Dorpsraad bij de
Ugchelense Kei een korte bijeenkomst gehouden toen de renovatie was voltooid en waarbij een glaasje "Ugchelens Keitje"
niet ontbrak. De zwerfkei is niet alleen een markant punt in Ugchelen geworden maar bovendien een oorlogsmonument.

De Ugchelense kunstenaar Maris legde De Kei in een
mozaiek vast. Hij is ernaar benieuwd waar het kunstwerk zich nu bevindt.

Ugchelse Kei, collectie Gert Woutersen.
Locatie : Hoenderloseweg en Ugchelseweg.
Omschrijving: De Ugchelse kei
met op de achtergrond de kruidenierswinkel bestiert door achtereenvolgens dhr. Lentink, dhr. Herman M. Boot, de
dames Mulder en Herman de Jong.
Situatie nu : De zaak van Herman de Jong is afgebrand en De Kei is na de
wegreconstructie naar achteren verplaatst.
Datum : 1950? (poststempel).
Uitgave : J.P. v. Butzelaar, Ugchelseweg
52, Apeldoorn.
Collectie : Gert Woutersen.

Ugchelse Kei, collectie Gert Woutersen.
Locatie: Hoenderloseweg en Ugchelseweg.
Omschrijving: De Ugchelse Kei,
op 21 oktober 1937 door dhr. Herman M. Boot geschonken aan de Buurtvereniging Ugchelens Belang.
Datum: 17 juli
1944 (poststempel)
Uitgave: Kempenaar's Boekhandel, Ugchelen.
Collectie: Gert Woutersen.




© Foto's: Herman Boot.
|
|



